Een paarse vlek op papier, meer heeft Nathaliëtte Blok niet nodig. Ze kijkt ernaar, draait haar vel een beetje en ziet het meteen: ‘Het is een beest. Een soort eend, met hier een snavel.’ Terwijl ze praat, trekt ze lijnen rond de vlek. Een vleugel verschijnt, daarna een lijf. ‘Juist omdat die vlek er staat, ontstaan vormen die je normaal gesproken niet uit jezelf verzint.’